Oh wind, roep niet mijn naam

Geschreven door Wim Beunderman, geplaatst op maandag 29 januari 2018


Spanish Village Street by Graham Briggs


Verhaal nr. 2 in de Valentijnsdag Serie


Een warme wind stak op uit het oosten en drong door tot in de kleinste steegjes van de Mediterrane havenstad. Elmira wist dat het weer zover was. De wind streelde langs haar wang en over haar oor, en onmiddellijk voelde zij het. Zij voelde het aan haar hart dat van verlangen jeukte, aan haar ogen die van heimwee prikten. Een innerlijke tweestrijd maakte zich van haar meester. Zachtjes schoof zij de gordijnen waaraan de wind speels trok opzij, verliet de koelte van de kamer en stapte op het zonovergoten balkon. Daar keek zij uit over de azuurblauwe zee in de baai en zette zij haar oren te luister naar de vriendelijke en toch zo treiterende wind.


Toen sloot Elmira haar betraande ogen en waande zij zich terug in het Perzië van haar kindertijd, die in tijd en ruimte hier ver vandaan lag. Het deed haar duizelen en nog maar net wist zij zich staande te houden door zich vast te klampen aan de balustrade van het balkon. Hoe meer zij zich tegen de wind verzette, hoe sterker de wind haar tot zich trok. Vreemd genoeg glimlachte Elmira genoeglijk door de tranen heen toen het jeuken van haar hart in alle hevigheid weer op kwam zetten.


“Oh wind, roep niet mijn naam,” gebood Elmira op jammerlijke toon, maar haar woorden schenen aan haar plaaggeest voorbij te gaan.

“Elmira, Elmira, mijn lieve dochter,” sprak de wind moederlijk, “kom tot mij.”

Elmira zuchtte; hoe zij ook naar haar moederland verlangde, zij vreesde de gevoelens die ermee gepaard gingen. Zij opende haar ogen, ademde een keer diep in en uit, en sloot toen opnieuw haar ogen om zich zo beter tot de wind te kunnen richten.


Weer lonkte de wind naar haar. Deze keer niet met woorden, maar met beelden, geuren en smaken. Genadeloos overspoelde zij Elmiras zintuigen en trok Elmira dichter naar zich toe. Zij voerde haar ziel mee op een reis door zandwoestijnen en over besneeuwde bergtoppen, langs woeste rivieren en over oneindige groene vlakten. Net zo ver voerde de wind Elmira, tot deze zich weer bevond in de stad van haar ouderlijk huis.


Alweer jeukte haar hart. Het zeurde van verlangen en dat werd beantwoord toen Elmira opeens zich de zoetgeurende thee in de loom makende zomermiddagen in haar ouders’ tuin herinnerde.

“Hmm,” zuchtte Elmira als bevond zij zich terug in de tijd.

Er verscheen een glimlach van herkenning om haar mond terwijl zij verder zonk in de herinneringen aan haar kindertijd. Het waren dromen, in scene gezet door die mysterieuze wind uit het Verre Oosten die verleidende woorden tot Elmiras hart fluisterde: “Kom lief kind. Neem mijn hand en ik leid je daar naartoe waarover je niet durft te dromen.”


Elmira gehoorzaamde en raakte ineens opgewonden door de herinnering aan haar talloze bezoeken aan de duizend-en-een markten die haar geboortestad rijk was. Zij sperde haar neusgaten en nam tot zich de krachtige en toch subtiele geuren van specerijen uit verre landen. De geur van koriander, kerrie, pepertjes, citroengras, kokos, saffraan en meer leek haar te besluipen en haar zinnen te overvallen. Toen veranderde de wind iets van richting, heel even en net genoeg om Elmira elders heen te voeren.


Ineens bevond Elmira zich op een groot feest. Daar proefde zij van de met honing gevulde gebakjes, van de exotische vruchten, van pasteitjes gevuld met gevogelte en van talloze andere zoete en hartige heerlijkheden. Opnieuw veranderde de wind van richting tot Elmira in een weide buiten de stad terechtkwam. Daar dwaalde zij door een zee van gras en van bloemen in alle kleuren van de regenboog: lila, felrood, zachtgeel, sneeuwwit, paars, oranje, turkoois. Vlakbij kabbelde een beekje lieflijk door het landschap, en opeens belandde Elmira in de kamer van haar ouderlijk huis waar zij, alsof het de dag van gisteren was, hoorde hoe haar vader haar streng doch liefdevol toesprak. Tegelijkertijd voelde zij haar moeders vingers, die teder haar wang streelden. Zij werden in hun genegenheid vergezeld door haar moeders stem.

“Elmira, mijn lieve dochter, op een dag zal je ons verlaten.”

Toen zag zij haar moeders lieve gezicht met die fonkelende, smaragdgroene ogen, voor zich, en haar hart leek te smelten.

“Maar vrees niet, een deel van je hart zal hier voor eeuwig blijven, en wil je terugkeren, dan hoef je maar naar de wind uit het oosten te luisteren. Zij leidt jou terug, laat jou de koers van je hartstocht volgen.”


Op hetzelfde moment hoorde Elmira een andere stem, ver op de achtergrond. Toen was de stem opeens dichtbij en Elmira opende haar ogen. Zij moest een paar tellen wennen aan haar omgeving tot zij zich omdraaide in de richting van de stem. Opnieuw jeukte haar hart en prikten haar ogen toen zij oog in oog stond met haar dochter, Yasemin, die naar het balkon was gelopen. Elmira liep glimlachend op haar af, kuste haar zacht op de lippen en keek haar diep in haar smaragdgroene ogen.

“Was je weer bij oma, mama?” vroeg het jonge meisje.

Elmira hoefde niet te antwoorden, aan haar stralende lach wist Yasemin genoeg.


Estrella Morente Volver (Kom terug)


Symboliek

Elmira: Arabisch voor ‘prinses’


Afbeeldingen:

‘Spanish Village Street’ van Graham Briggs op Freeimages.com


Wil je ook op de hoogte blijven? Abonneer je op de Tekstschrijver nodig Blog!

Wil je meer weten over mijn diensten? Kijk dan verder op mijn tekstschrijver website of op mijn andere twee websites:


Wim Beunderman Concepting Branding Storytelling

For Love Only Publishing




Gearchiveerd in de categorieën: liefde, verhalen, storytelling

Voorzien van de labels: tekstschrijver, hart, verlangen

Deel deze blog

Geef je reactie op deze blog

Abonneer op mijn blog
Categorieën